De Bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) is sinds jaar en dag hét fiscale instrument om bedrijfsopvolgingen binnen families mogelijk te maken zonder dat de erfbelasting de continuïteit van de onderneming bedreigt. In 2026 zijn er opnieuw wijzigingen doorgevoerd. In dit artikel zetten we helder uiteen wat er is veranderd en wat dit betekent voor uw overdrachtsplanning.
De BOR zorgt ervoor dat bij schenking of vererving van een onderneming een groot deel van de waarde is vrijgesteld van schenk- of erfbelasting. De regeling kent twee componenten:
De 100%-vrijstelling: over de eerste € 1.500.000 (2026) van de ondernemingswaarde betaalt u géén schenk- of erfbelasting.
De 83%-vrijstelling: over het meerdere boven de eerste schijf is 83% vrijgesteld. U betaalt dus slechts over 17% van de resterende waarde belasting.
De meest ingrijpende aanpassing in 2026 betreft het karakter van de vrijstelling. Waar voorheen de vrijstelling direct definitief was bij het voldoen aan de bezits- en voortzettingseis, is nu sprake van een voorwaardelijke vrijstelling. Dit betekent dat de Belastingdienst tot vijf jaar na de overdracht kan toetsen of de onderneming daadwerkelijk wordt voortgezet.
Wordt de onderneming binnen vijf jaar gestaakt, verkocht of omgezet naar een andere rechtsvorm zonder dat de bedrijfsactiviteiten worden voortgezet? Dan kan de vrijstelling met terugwerkende kracht worden teruggenomen en is alsnog erf- of schenkbelasting verschuldigd.
Een andere belangrijke wijziging is de verscherping van de bezitseis. Waar de erflater of schenker voorheen minimaal één jaar ondernemer moest zijn, geldt nu een minimumtermijn van drie jaar. Dit raakt met name DGA's die kort voor hun pensioen een holdingstructuur opzetten met het oog op bedrijfsopvolging.
Voor startende ondernemers die willen anticiperen op een toekomstige overdracht is het daarom belangrijker dan ooit om tijdig te beginnen met structureren.
De BOR geldt alleen voor ondernemingsvermogen, niet voor beleggingsvermogen. In 2026 is de grens scherper getrokken: vastgoed dat niet direct dienstbaar is aan de onderneming wordt sneller als beleggingsvermogen aangemerkt. De fiscus kijkt hierbij naar de objectieve functie van het pand, niet langer alleen naar de intentie van de ondernemer.
Heeft u een bedrijfspand dat deels wordt verhuurd aan derden? Dan kan dat deel buiten de BOR vallen. Het loont om uw vastgoedportefeuille tegen het licht te houden vóór de overdracht.
"De BOR is een prachtig instrument, maar vraagt steeds meer om actieve regie. Wacht niet tot het moment van overdracht, maar begin vandaag met plannen. De nieuwe bezitseis van drie jaar maakt dat urgenter dan ooit."
Daventro, Fiscale Strategie
De wijzigingen maken een langetermijnstrategie belangrijker dan ooit. Drie aandachtspunten voor 2026:
Start eerder. De bezitseis van drie jaar betekent dat u minstens drie jaar vóór de beoogde overdracht de structuur op orde moet hebben.
Scheid ondernemings- en beleggingsvermogen. Breng uw bezittingen onder in aparte B.V.'s. Voorkom dat beleggingsvastgoed de BOR-toepassing op uw onderneming schaadt.
Documenteer de voortzetting. Leg vast hoe de onderneming na overdracht wordt voortgezet. Bij een voorwaardelijke vrijstelling is goede documentatie uw vangnet.
De BOR blijft een krachtig instrument, maar de regels worden complexer. Wilt u uw bedrijfsoverdracht optimaal structureren binnen de nieuwe kaders?
Plan een fiscaal gesprek